OCR:ed block content:
Leidsche Exploitatie Maatschappij van Onroerende
Goederen te Leiden. Opgericht: 12 Sept. 1918. Du ur tot 31 Dec.
1999. Doel: handel in en exploitatie van onroerende goederen in Neder-
land, het stichten van gebouwen en verder alles wat met een en ander ver-
band houdt. Ulto 1933 bezat de mpij. 200 panden voornamelijk in Leiden,
Haarlem, Hilversum en Oegstgeest, benevens 4.22 H.A. teel en bouwland
te Waddinxveen en 24.30 H.A. bouwterrein te Leiden, Oegstgeest en Lisse.
Kapitaal geautoriseerd f 1.500.000 in aandeelen groot f 500 en f 250, waar-
van geplaatst f 386.250 in aandeelen, groot f 2501), waarvan zich nom.
f 106.500 ingekochte stukken in portefeuille bevinden, zoodat nom. [ 279.000
uitstaat. De nos. 1-12 zijn z.g. oligarchische aandeelen op naam. De helft
van het geplaatst kapitaal mag worden ingekocht. Bij de oprichting werd
geplaatst f 93.500, welk bedrag door onderhandsche plaatsing in elk op-
volgend jaar, op ulto 1928 tot f 422.500 was gestegen. Op 26 Juni 1929 stond
bij v. d. Werff & Hubrecht de inschrijving open op f 350.000 aand. à 105
pct. incl. div. 1929, waarna f 772.500 geplaatst was. Hiervan werd in 1932
en 1933 f 213.000 ingekocht, terwijl uitstaande en ingekochte aandeelen bij
besluit van 16 Nov. 1933 met 50 pct. werden teruggebracht tot resp.
f 279.750 en f 106.500. Het vrijkomende bedrag werd van het verlies-
saldo afgeboekt. Prospectus omtrent bovenvermelde emissie vindt men in
deel I, 1930. Winstverdeeling: na afschrijvingen 10 pct. aan de
reserve, vervolgens tot 6 pct. dividend op het gestort kapitaal en van de
rest 15 pct. aan de directie, 15 pct. aan commissarissen en het restant aan
aandeelhouders. Zoodra en zoolang het reservefonds 50 pct. van het ge-
plaatste kapitaal bedraagt vervalt de dotatie aan 'dit fonds en wordt over
het vrijkomende door de A. V. beslist. Dividend 1918-1930: 6, 15, 15,
8, 8, 8, 81, 81, 83, 81, 81, 8} en 8} pct. (no. 14, 15 Juni 1931 bij de Venn. en
bij v. d. Werff en Hubrecht, Amsterdam); sedert nihil. Dividenden v e r j a-
r e n na tien jaren. Ter verkrijging van voldoende middelen ter verdere uit-
breiding werden uitgegeven f 500.000 51 pct. obligatiën, in c o up u-
res van f 1000 en f 500 met coupons per 1 April en 1 Oct. De lee-
ning is verdeeld in 5 seriën van f 100.000. Aflossing: van 1 April
1933 af, jaarlijks f 4000 van elke serie. Versterkte of algeheele
aflossing toegestaan van 1 April 1932 af. De lossingen geschieden door in-
koop beneden pari of door uitloting à pari; eventueele lotingen in Januari
ter uitbetaling 1 April d.a.v. Nadat reeds f 256.000 van deze obligatiën
ondershands waren geplaatst, stond van 29 Mei tot 15 Juni 1931 de gelegen-
heid tot inschrijving op de resteerende f 244.000 à pari open bij R. B. V.
te Leiden, fa. v. d. Werff & Hubrecht, A'dam en de Mpij. Er werden 3
series geplaatst. Na inkoop van f 12.000 in 1933 stonden nog f 243.500 5} pct.
obligatiën uit. Trustee der leening: de heer Th. Op de Coul,
Amsterdam. De Mpij. zal geen obligatiën meer uitgeven, zoolang de onbe-
zwaarde waarde van hare onroerende goederen niet de f 500.000 over-
schrijdt en tot geen hooger bedrag dan zes maal het geplaatst kapitaal.
Prospectus in deel I 1932. Omtrent Financieele moeilijkheden
in 1932, zie men jaarg. 1934, kleine letter. Directeur: N. A. van
Zijp. Commissarissen: G. E. v. d. Werff Jr., Amsterdam (voorz.),
B. H. J. van Linden, Wassenaar, B. C. v. d. Berg, 's-Gravenhage, H. C.
J. Kouwenhoven, Rijswijk (Z .- H.) en L. Prins, Wassenaar.