OCR:ed block content:
Vereenigde Indische Cultuur Ondernemingen, geves
tigd te Rotterdam. Opgericht 27 Maart 1916. Duur: tot al De-
cember 1975. Doel: het in Ned .- Indië en elders, met uitzondering
van de residentiën Djokjakarta en Soerakarta, drijven van onderscheidene
cultures, het verwerken, vervoeren en verkoopen van de producten dier
cultures, het verkrijgen, verkoopen, huren en verhuren van gronden en
eigendommen, het aanvragen en productief maken in Ned .- Indië, met
uitzondering van bovengenoemde residentiën, van bosch-, cultuur-, tram-
weg- en mijnbouwconcessies of vergunningen en het deelnemen in
andere dergelijke mpijen. of ondernemingen. De vennootschap is ont-
staan uit een combinatie van vier bestaande rubbercultuur mpijen., t. w.
de Langsar Sumatra Rubber Mpij. (geplaatst kapitaal
f 800.000), Rotterdam Langkat Rubber Mpij. (gepl. kap.
f 550.000); Bajan Sumatra Rubber Mpij. (gepl. kap. f 485.000)
en Cultuur Mpij. Dolok Marangir (gepl. kapitaal f 1.000.000).
Totale inbrengwaarde der vier ondernemingen f 3.794.259.30. Voor bijzon-
derheden omtrent de twee eerstgenoemde ondernemingen, zie men Deel I
van den jaargang 1915/16. De Cultuur Mpij. Dolok Marangir, welker
inbrengwaarde f 1.298.626 bedroeg, is evenwel in den loop van 1916 aan een
Amerikaansch concern verkocht. De verkoop leverde netto f 1.735 957 op.
Voor uitvoerige bijzonderheden omtrent deze transactie zie men jrg. 1917/18,
deel 1. Nadat de verkoop tot stand was gekomen, werd per 31 Dec. 1916
van de Atjeh Cultuur Mpij. voor den prijs van f 295.000 overgenomen
de onderneming Kemoening (afd. Langsar, Gouvernement Atjeh), terwijl
voor een som van f 20.000 aangekocht werd de concessie Birim Rajeu.
In 1916 verkreeg de V. I. C. O. de beschikking over de meerderheid van
het aandeelenkapitaal der Rotterdam Deli Hevea Ltd., doordien de aan-
deelen van laatstgenoemde mpij. voor het grootste gedeelte in aandeelen
V. I. C. O. waren verwisseld op basis van 125 pct. (£ 25 aand. R. D H.
Ltd. : 15 onderaandeelen à f 25 V. I. C. O.) In 1918 ontdeed de maat-