OCR:ed block content:
Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goe-
deren „De Brakke Grond”, te Amsterdam. Opgericht 19
Maart 1881. Duur: tot 31 Dec. 1975. Doel: het administreeren, be-
heeren, exploiteeren, koopen en verkoopen van roerende en onroerende
zaken, het leenen en uitleenen van gelden, met of zonder zakelijke zeker-
heid, zoo voor zich als voor rekening van derden, verder het deelnemen in
andere ondernemingen. Tot in 1927 werd ook een snelpersdrukkerij gedre-
ven. Dit verliesgevende bedrijf werd in genoemd jaar verkocht. Be-
stuur der venn .: Raad van Commissarissen: C. van
der Puil, president, H. J. Schreuder en J. H. Wallien, gedel. A a n d.k a p i-
taal f 500.000, bestaande uit 490 gewone aandeelen groot f 1000
en 10 prioriteits-aandeelen groot f 1000, geheel geplaatst. Er zijn 240 o p-
richtersbewijzen uitgegeven. Het geplaatste kapitaal was tot 15
Januari 1925 f 615.000, doch werd volgens besluit eener buiten-
gewone algemeene vergadering van aandeelhouders door annuleering
van 115 aandeelen tot f 500.000 verminderd. Tengevolge van deze
kapitaalsreductie met f 115.000 aandeelen, welke door terugkoop in-
dertijd, in het bezit der Maatschappij waren en met f 70.000
te boek stonden, kwam een bedrag van f 45.000 vrij, hetwelk voor
afschrijving op machines werd aangewend. Dividenden 1881-
1905: 7, 8, 8, 6, 5, 5, 5, 5, 5.25, 5, 5, 0, 0, 0, 0, 2, 2.5, 3, 3.5, 4, 4, 4, 4, 4 en
4 pct. ; 1906-1911: nihil; 1912-1920: 32, 33, 34, 2, 3, 22, 3, 3 en 3 pct. ; 1921-
1925: 3, 0, 0, 2 en 2} pct. (no. 33, 3 Mei 1926); 1926-1929: nihil. Divid. opr.
aand. 1881-1905: f 24, 28.56, 32.85, 24.65, 21.35, 21.35, 21.71, 21.96, 23.06, 21.96,
21.96, 0, 0, 0, 0, 8.78, 10.98, 13.17, 15.37, 17.57, 17.57, 17.57, 17.57, 17.57 en
f 17.57; 1906-1911: nihil; 1912-1920: f 15.37}, { 15.37}, f 15.37}, f 8.78,
f 13.17, f 12.08, f 13.17, f 13.17, en f 13.17; 1921-1925: f 13.17, 0, 0, f 6.12}
en f 7.65 (no. 33); 1926-1930: nihil. De winsten over 1906-1911 werden
geheel voor verbouwing aangewend. Winstverdeeling: Na afschrij-
vingen en voorzieningen ontvangen aandeelhouders 88 pct. en de oprich-
tersaandeelen 12 pct. Bij likwidatie ontvangen de oprichtersbewijzen 25
pct. nadat 100 pct. op de aandeelen is betaald. Omtrent de vroeger officieel
genoteerde en per 2 Jan. 1924 in haar geheel aflosbaar gestelde 4 pct.
obligatieleening zie men deel I. 1926 en vorige jaargangen.