OCR:ed block content:
Stoomvaart-Maatschappij Zeeland, (Koninklijke Neder-
landsche Postvaart) gevestigd te Vlissingen met agentschappen te Londen,
Berlijn en New-York. De mpij. exploiteert te Vlissingen een hotel.
Opgericht 22 Juni 1875. Duur: tot 31 Dec. 1960. Doel: Het
uitoefenen van het geregeld passagiers- en goederenvervoer tusschen Vlis-
singen en Engeland en al wat daarmede in den ruimsten zin verband houdt
Regeeringsovereenkomst: (in 1898 en 1908 gewijzigd en telkens
voor 10 jaar verlengd); op 1 Oct. 1918 vernieuwd tot 31 Dec. 1919. Ingaande
1 Jan. 1920 werd een nieuwe overeenkomst aangegaan voor onbepaalden
tijd, welke met ingang van 1 Jan. 1927 in 1927 wederom is vernieuwd.
Wederzijdsche opzegging is mogelijk vóór 1 Juli per 1 Jan. d.a.v. Sedert
de steunverleening door de fa. Müller & Co. (zie kl. letter) werd de nacht-
dienst door een dagdienst vervangen. Het verbod van invoer van versch
vleesch in Engeland bracht de venn. er toe, ingegaan 1 Jan. 1927, een
overeenkomst (duur 20 jaren) te sluiten met de London & North Eastern Ry.
Hierdoor is een behoorlijk aandeel van het totaal verkeer tusschen Engeland
en Nederland verzekerd. De booten gaan daardoor in plaats van op Folke-
stone in dagdienst op Harwich. Geschiedenis: Kapitaal
thans f 2.020.500, geheel geplaatst, bedroeg bij de oprichting f 2.000.000,
waarvan f 800.000 was geplaatst. In Juli 1875 werden nog f 700.000
aan'deelen à pari uitgegeven, en f 700.000 5 pct. obligatiën tot den
koers van 95 pct. Einde 1876 werd overgegaan tot de uitgifte van
f 3.200.000 4} pcts. obligatiën à 963 pct., welke rechtstreeks en onvoorwaar-
delijk door Prins Hendrik der Nederlanden (den eere-voorzitter 'der mpij.)
voor rente en aflossing waren gewaarborgd. (Zie den jaarg. 1907, blz. 851).
In Oct. 1882 werden door de erfgenamen van den in 1879 overleden prins,
de nog uitstaande f 2.913.000 obligatiën geheel afgelost. De erfgenamen
ontvingen daartegen à pari volgens overeenkomst f 1.456.500 aandeelen B,
preferent voor f 25 .- uit de winst, na afschrijvingen, 1600 bewijzen van
deelgerechtigdheid, welke laatste in 1883 door de Mpij. werden ingekocht,
benevens het door Prins Hendrik aan de Mpij. gedaan renteloos voor-
schot van f 110.815. Het overige kapitaal werd gereduceerd tot 50 pct.,
en zoodoende gebracht van f 1.169.000 op f 584.500, zoodat na deze rege-
ling het kapitaal bedroeg f 2.041.000, verdeeld in twee seriën: de eerste
serie, in gewone aandeelen A, groot f 584.500, de tweede serie, in prefe-
rente aandeelen B, groot f 1.456.500. In 1899 werd elk 'dezer beide seriën
op de helft verminderd; derhalve tot f 292.250 gewone aandeelen A en
f 728.250 pref. aandeelen B, tezamen f 1.020.500. In Juni 1911 nam de Mpij.
tot Exploitatie van S.S. f 1.000.000 aandeelen à 100 pct. over (in 1921
weder à pari aan den Staat verkocht), terwijl van de preferente aandeelen
het recht van preferentie werd afgekocht door vergoeding van f 50 per stuk,
zoodat het kapitaal thans uit f 2.020.500 aandeelen bestaat, en verdeeld
is in 3 seriën, t.w. de serie A, ad f 292.250, in stukken groot f 250 en (f 125),
serie B ad f 728.250, in stukken groot f 250 en serie C ad f 1.000.000 in stukken
groot f 250. Winstverdeeling: na afschrijvingen eerst 5 pct. divi-
dend op de aandeelen. De rest komt ter beschikking der A. V. Indien deze
tot uitkeering besluit geschiedt de verdeeling als volgt. 10 pct. aan het
reservefonds, 5 pct. aan de commissarissen, 5 pct. aan de directie, 5 pct.
aan commissarissen ten bate van derden en 75 pct. aan de aandeelhouders.
Dividenden: 1875-1881: nihil; 1882-1886: 5.4, 6, 6, 6 en 6 pct .;
1887-1911: nihil; 1912-1914: 6, 6 en 10 pct. (no. 3), sedert: 0 pct. In 1886