Document Image
X: 0
Y: 0
Scan Block
Page 1325 in year 1928

Stoomvaart Maatschappij "Princenhage"

vanoss_1928_domestic Seq: 1375 Span: 46316-46362 Page: 1325 (arabic) Scob: 1937 GID: 540 Block-id: 31137 Corporation

Data availability for this firm:

  04 05 06 07 08 09 10 11 12 13 14 15 16 17 18 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41
balance · · · · · · · · · · · · · · · · · ·
profit · · · · · · · · · · · · · · · · · ·
dist · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

OCR:ed block content:

Stoomvaart-Maatschappij „Princenhage" in liq., te
Rotterdam. Opgericht: 4 Jan. 1917. Duur: tot 31 Dec. 1945. Do el:
de exploitatie van en den handel in stoomschepen en andere vaartuigen,
het verkrijgen, administreeren en vervreemden van aandeelen in onder-
nemingen, die scheepvaart of een aanverwant doel beoogen, het ter leen
verstrekken van gelden aan, het zich op andere wijze interesseeren bij en
het waarnemen van directiën van zoodanige ondernemingen en alles wat
met het voorgaande in den ruimsten zin verband houdt. De vennootschap
beschikte aanvankelijk over 6 schepen tezamen metende 3710 ton D.W.,
door verkoop van een viertal schepen behield 'de mpij. in 1921 nog twee
schepen van resp. 985 en 610 ton D.W. Kapitaal sedert na te noemen
terugstortingen en tot aan de liquidatie : geautoriseerd f 1.050.000 (waarvan
f 700.000 geplaatst), bedroeg aanvankelijk f 150.000, werd in Nov. 1917
tot f 3.000.000 uitgebreid. Op de begin October '1919 en 9 Juni 1920
gehouden buitengewone algemeene vergadering van aandeelhouders werd
besloten de door verkoop en verlies, door stranding, van resp. 3 en 1
schepen vrijgekomen gelden, aan te wenden tot terugstortingen van resp.
25 en 40 pct. op de uitgegeven aandeelen, waardoor het maatschappelijk
kapitaal van f 3.000.000 op f 1.050.000 en het geplaatst kapitaal van
f 2.000.000 op f 700.000 werd gebracht De terugstortingen von'den resp.
begin Maart en 16 Juni 1920 plaats en zijn op de aandeelen afgestempeld.
De aandeelen waren daarna f 350 groot. Op 7 Nov. 1922 werd tot
liquidatie besloten, met benoeming van den afgetreden directeur, den
heer C. I. Dijkhuis tot liquidateur, onder toezicht van de afge-
treden commissarissen. De eerste liquidatie-uitkeering
groot f 50 .- per aandeel was 9 Nov. 1922, de tweede liquidatie-
uitkering groot f 35 .- per aandeel 26 Maart 1923 betaalbaar, beide
malen tegen afstempeling der stukken, die daarna nog nom. f 265 groot
zijn en sedert 1 Mei 1923 worden verhandeld mits voorzien van
de stempels der uitkeeringen, en in eensgevend geld. Er zijn 250
oprichtersbewijzen uitgegeven aan houders van aand. nos. 1-750.
Winstverdeeling: na afschrijvingen wordt eerst 5 pct. uitgekeerd
over het uitstaande aandeelenkapitaal. Van het overblijvende wordt min-
stens 20 pct. in het reservefonds gestort en het restant als volgt verdeeld:
5 pct. aan houders van oprichtersaandeelen, 10 pct. aan de directie, 10 pct.
aan commissarissen en 75 pct. ter beschikking der algem. verg. van aan-
deelhouders voor extra reserve en/of uitkeering aan aandeelhouders.
Zoodra en zoolang het reservefonds met de gekweekte rente 50 pct. van
het geplaatste kapitaal bedraagt, vervalt de dotatie aan aandeel-
houders. Dividend 1917 en 1918: nihil; 1919 en 1920: 7} en 10 pct.
{no. 3); sedert: nihil. Dividend oprichtersbewijzen 1919 en
1920: f 17.78 en f 11.44 (no. 2); sedert: nihil. Bij de oprichting werden
f 150.000 en later f 850.000 aandeelen onderhands geplaatst, terwijl
12 December 1917 bij Marx & Co.'s Bank te Rotterdam en 's Hage
en de H.H. Kerkhoven & Co. te Amsterdam, de inschrijving openstond op
f 1.000.000 aand. tot den koers van 110 pct. voor aandeelhouders (voorkeurs-
recht 1 : 1) en tot den koers van 115 pct. voor vrije inschrijvers. Op 26 Jan.