OCR:ed block content:
„Hillegersberg", Stoomboot-Maatschappij, gevestigd te
Amsterdam. Opgericht: 14 September 1905. Doel: het aankoopen
of aanbouwen, in de vaart brengen, exploiteeren, huren en verhuren van
stoomschpeen en al wat tot dit doel in den ruimsten zin des woords kan
gerekend worden te behooren. De mpij. bezit 5 stoomschepen, vier oudere,
de „Boomberg“, de „Larenberg“ de „Trompenberg", de „Hardenberg“ en
één nieuw, de „Soesterberg", gebouwd in 1926, met een totalen inhoud
van 20.425 ton laadvermogen. Kapitaal geautoriseerd f 2.500.000, ver-
deeld in aandeelen van f 1000, waarvan geplaatst f 1.300.000. Op 31 Dec.
1915 bedroeg het geplaatst kapitaal f 270.000, hetwelk in 1916 werd ver-
hoogd tot f 540.000, door uitkeering van :100 pct. dividend in nieuwe aan-
deelen. Op 14 Januari 1919 stond o.a. bij de Twentsche Bank te Amster-
dam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht de inschrijving open op een verdere
f 540.000 aandeelen tot den koers van 210 pct., deelende in de winst over
1919 (voorkeursrecht 1 : 1, bew. no. 13). Voor het prospectus zie men aan het
einde van deel I, jaarg. 1920. Om 'de aangekochte „Soesterberg" geheel uit
eigen middelen te kunnen betalen, werden in 1927 onderhands f 220.000 aand.
à pari uitgegeven, deelende in de winst van 1927. Daarna staat f 1.300.000
uit. Aandeelen, groot f 1000. Op 15 Maart 1916 werden deze in de
officieele noteering te Amsterdam opgenomen. Er staan 12 oprichters-
bewijzen uit. Winstverdeeling: De directie bepaalt jaarlijks,
in overleg met commissarissen, desverlangd na advies van des-
kundigen, de waarden waarvoor de activa der vennootschap op de
balans zullen voorkomen. De verschillen dezer waarden met de
laatste boekwaarden dier activa komen ten bate of ten laste van
de winst- en verliesrekening of van de reserve, overeenkomstig
de beslissing van de directie en commissarissen. Van de winst
wordt in de eerste plaats aan aandeelhouders 5 pct. uitgekeerd. Van het
restant: 75 pct. aan aandeelhouders, 7} pct. aan commissarissen, 7} pct.
aan den directeur, 10 pct. aan oprichters. Op .voorstel van de directie en
commissarissen kan jaarlijks een deel van de nettowinst worden bestemd
tot vorming eener reserve. De reserve dient tot dekking van verliezen,
afschrijvingen, reparatiën of andere bijzondere uitgaven welke de directie
en commissarissen gewenscht achten niet ten laste van de winst- en ver-
liesrekening te brengen, doch uit de reserve te bestrijden. De directie en
commissarissen bepalen de bedragen welke ten bate of ten laste van de
reserve zullen worden gebracht. De reserve behoeft niet afzonderlijk belegd
te worden. Dividend 1906-1921: 3, 41, 4}, 0, 0, 63, 20, 20, 74, 140 (40
pct. in contanten en 100 pct. in aandeelen), 50, 25, 50, 50, 15 en 6 pct.