OCR:ed block content:
N.V. „Leydsche -- Oranje Nassauveem”, Amsterdam-Rotter-
dam. Opgericht 14 Juni 1897 onder den naam „Leydsche Veem”. Om
redenen en onder voorwaarden hieronder met kleine letter vermeld, werd in
November 1918 een belangengemeenschap aangegaan met de
N. V. „Oranje-Nassauveem“. De inwisseling van aandeelen
„Oranje-Nassauveem“ in aandeelen „Leydsche-Oranje Nassauveem“, vol-
gens onderstaande regeling, kon vanaf 4 Aug. 1919 geschieden, terwijl vanaf
24 October 1919 voor de vroegere aandeelhouders „Leydsche Veem" de ge-
legenheid openstond hun aand. tot afstempeling met den nieuwen naam
aan te bieden, waardoor deze oude aandeelen dooreenleverbaar werden met
de nieuwe. Duur tot 31 December 1936. Do el: Opslag, bewaren, be-
werken, afleveren en verzenden van koopmansgoederen, het lossen en laden
van schepen, het meten en wegen van granen, het afgeven van cedullen
aan toonder of bewijzen van opslag op naam, de exploitatie van handels-
terreinen of handelsinrichtingen en het verrichten van al datgene, wat tot
het voorschrevene in den ruimsten zin behoort. Directeuren: G
Molijn, H. W. Meyer, Adr. A. Goedkoop Jr. en J. C. Binkhorst Maal-
drink. Commissarissen: J. Vieweg, F. C. van den Arend, P. van
Leeuwen Boomkamp, Jhr. R. Feith en W. C. Schiltman. Aandeelen-
kapitaal thans f 3.500.000, waarvan geplaatst f 1.118 000, was
oorsp. f 1.000.000, doch werd in 1911 tot f 500.000 teruggebracht (welke
reductie op de stukken is afgestempeld), om Januari 1919 met het oog
op bovengenoemde inwisseling der aandeelen „Oranje-Nassauveem" weder
op f 1.000.000 en in 1921 op f 3.500.000 te worden gebracht. Bij genoemde
inwisseling, ten bedrage van f 500.000, stonden f 252.000 aand. Leydsche
Veem uit. Na de verwisseling stonden van de gefusioneerde mpij. f 732.250
aandeelen uit. Door realisatie der stille reserven kon in 1921 een bonus
van 50 pct. worden uitgekeerd, waardoor het geplaatst bedrag steeg tot
f 1.104.250, welk bedrag in 1922-1925 door nagekomen inlevering van aan-
deelen en winstbewijzen O. V. tot f 1.118.000 werd vergroot. Aandeelen
groot f 500 (en f 250). Op f 250.000 was de inschrijv. opengesteld den 22 Juli
1897, tegen den koers van 110 pct., o.a. te A'dam bij de Heeren H Alberts en
Vermeer & Co. Dividenden 1897-1920: 7, 7, 7, 7, 6, 6, 62, 3, 0, 5,,
51, 2, 0, 0, 74, 52, 6, 5, 10, 10, 6, 0, 10 en 55 pct .; 1921-1923: 10, 5 en 0 pct. ;
1924: 6 pct. (no. 26); 1925: nihil. Over 1920 werd behalve 5 pct. kas-div. op
bewijs no. 22 per 2 aand. (4 onderaand.) een bonusaand. van f 500 afgegeven.
Houders die slechts één aand. hadden ontvingen hun bonus in scrips van
f 250 (onderaand. scrips van f 125). Winstverdeeling: Na af-
schrijvingen en reserveeringen door de directie in overleg met com-
missarissen, te bepalen, eerst 5 pct. aan aandeelhouders, van het
dan resteerende komt 60 pct. aan aandeelhouders, 25 pct. aan directeuren
en 15 pct. aan commissarissen. Wanneer het gewone reservefonds geklom-
men is tot } gedeelte van het gestort kapitaal, zal verder geen gewone
reserve meer gemaakt mogen worden. 4 pcts. obligatiën 1899-
1902, groot f 1000, met coupons per 1 Mei en 1 Nov. Aflos-
sing door uitloting à pari, begonnen in 1903; jaarlijks wordt minstens
f 14.000 afgelost; trekkingen te houden in Maart, betaalbaar 1 Mei d.a.v.
Tot waarborg voor deze leening verbond de maatschappij zich hare